Linda in het A.Z.G.

Toen wij later aankwamen in het A.Z.G. (wij hadden eerst nog even mijn broer Rex gevraagd de familie voor zover mogelijk per e-mail in te lichten en we hadden thuis nog haar lievelingsknuffels en andere dingen opgehaald) zag Linda er al een stuk beter uit. Dit was te danken aan de 2 bloedtransfusies die ze had gehad. Ze vroeg wanneer we (inclusief zijzelf) weer naar huis gingen. Toen ik zei dat ze bleef logeren (ik had haar logeerkoffertje mee genomen) zei ze dat ze toch niet wilde blijven slapen. We vertelden haar dat ze hier weer beter kon worden en dat dit niet kon als we haar nu weer mee naar huis namen. Dit leek ze gelukkig te accepteren.

Linda lag eerst apart op een kamertje van de Intensive Care van de kinderafdeling. Ze dronk hier ook beter dan thuis. Toen wij tegen halfacht 's avonds naar huis gingen deden wij Linda's muziekje aan (een muziekdoos in de vorm van een halve maan met daarin 3 kleine voorleesboekjes) ten teken dat het voor haar tijd werd om te gaan slapen. Ze was ook best wel erg moe. Behalve wij waren ook Linda's grote zus Sandra met haar vriend Patrick er. Ook Linda's tante Rely en nicht Suzanne waren aan het eind van de middag nog langs geweest. We vertelden Linda dat we de volgende dag 's middags weer zouden komen.

Diezelfde avond belden ze om ongeveer 23:45 uur vanuit het ziekenhuis dat Linda van de Intensive Care af mocht. Ze was al overgeplaatst naar een 'normale' kinderafdeling, één verdieping lager. De hele avond al had de telefoon roodgloeiend gestaan. Bijna alle familieleden hadden gebeld om te vragen wat er nu precies met Linda aan de hand was en hoe het nu met haar ging. Uitgeput gingen wij ook na middernacht naar bed na bijna 36 uur in touw te zijn geweest met heel weinig rust.

De volgende dag (zaterdag) kwamen we tegen 15:00 uur weer in het ziekenhuis. Linda lag ook nu nog alleen op een kamer. Later kwam ook Kirsten haar een bezoekje brengen. Toen we bij Linda kwamen had ze praatjes voor tien. De verpleging had haar al de bijnaam 'Spinnetje' gegeven. Hieraan kon je zien (en horen) dat ze er weer helemaal was. Dit bleef ook de hele middag zo. Terwijl wij een rondleiding over de afdeling kregen bleef Kirsten, één van Linda's grote nichten, bij haar. Toen ze vroeg of Linda niet bang was kreeg ze als antwoord: "Nee, want jij bent toch bij mij."

Later, Kirsten was al weg, kwamen Sandra en Patrick. Terwijl ik een poosje naar de familiekamer ging bleef Paul met hun bij Linda. Ik wachtte op andere familieleden, terwijl Esther (Linda's verpleegster) ging eten. Linda vond dat zij bij haar moest blijven, maar dat kon natuurlijk niet. Esther zou na de maaltijd weer terugkomen. Op een gegeven ogenblik riep Linda ook constant om een dokter. Maar deze zou later op de avond nog langskomen.

   
 En toen werd het stil.

 Index.